Amsterdam Centre for the Study of the Golden Age

In Memoriam Marijke Spies

13 May 2013

Tot ons verdriet bereikte ons het bericht dat Marijke Spies op 12 mei j.l. is overleden. Ze werd 78 jaar. Marijke Spies was van 1962 tot 1997 verbonden aan de UvA, bij de vakgroep Historische Nederlandse letterkunde, en bekleedde van 1992 tot 1997 de bijzondere leerstoel Geschiedenis van de rhetorica. Zie voor een kort ‘in memoriam' door Jeroen Jansen de onderstaande tekst.

In memoriam Marijke Spies (1934-2013)

Marijke Spies stond haar mannetje, wist iedereen bij Neerlandistiek. Of het nu om het belang van de studenten ging, de vakgroep historische Nederlandse letterkunde, de universiteit of het complete vakgebied. Marijke stond vooraan om alle belangen te verdedigen. Op zondag 12 mei 2013 overleed ze, moegestreden door een slopende ziekte. We herdenken haar als een inspirerende docent, een bevlogen wetenschapper, een strijdbaar bestuurder en als boegbeeld van de Neerlandistiek. Maar bovenal als een fantastische vrouw met een warm hart voor haar omgeving.

Van 1962 tot 1997 was Marijke verbonden aan de UvA, eerst als hoofddocent en later als bijzonder hoogleraar in de Geschiedenis van de rhetorica (met de `h’ die zij erin wilde hebben). Ze gaf over `alles’ geestdriftig college maar waar de poëtica en retorica aan bod kwamen, toonde ze haar ware hartstocht. Die onderwerpen zette ze weer op de kaart. Met name het argumentele onderzoek rond teksten van Vondel over de zeevaart en het nieuwe Amsterdamse stadhuis was baanbrekend.  Internationaal stond Marijke hoog aangeschreven voor haar retorica-onderzoek, ook al omdat ze als een van de weinigen in staat was het typische van de Nederlandse literaire situatie in de zestiende en zeventiende eeuw uit te leggen aan buitenlanders.

Vanaf de vroege jaren ’80 was ze mijn docent. Bij haar moest je zijn als je zeventiende-eeuwse lyriek wilde bestuderen. Iedereen kende haar enthousiasme en profiteerde van haar grote deskundigheid. Ze was altijd bereikbaar, als mens, maar ook in praktische zin. Een medestudent die de gewoonte had pas ’s avonds laat te gaan studeren, vroeg haar eens tot hoe laat hij haar mocht bellen voor advies. `Gut’, zei ze, `tot een uurtje of één’. Dat praatte zich rond en tekent meteen haar ongekende inzet en bevlogenheid. We zullen haar missen.

 

Jeroen Jansen

Published by  ACSGA